donderdag 27 februari 2020

Expositie Marijke van Welzen



Expositie van Marijke van Welzen in Leiden.

De eerste keer dat ik de jassen van Marijke van Welzen zag was ik ademloos van bewondering. Het was de eerste quilttenttonstelling die ik bezocht; ik was nog maar net begonnen met quilten. Die jassen waren aanwézig.
Terwijl ik mezelf ontwikkelde als quilter merkte ik dat ik me aangetrokken voelde tot artquilten, dus ging ik naar Quilten Speciaal 14.

The first time I laid eyes on coats made by Marijke van Welzen I was blown away. It was my first quiltshow ever, since I just started quilting. Those coats were PRESENT. When I developed myself as a quilter I noticed I was drawn to artquilting, so I followed artquiltclasses.

Ik bleef Marijke volgen, en du moment dat ik zag dat zij een workshop gaf in denim versieren, meldde ik mezelf aan. Het was inderdaad zo inspirerend als ik hoopte dat het zou zijn! En, aangezien ik kleren versier sinds mijn 12e, was het echt iets voor mij. Daarna heb ik nog een masterclass gevolgd in de techniek die Marijke gebruikt om haar jassen te maken. Ik vond het geweldig om het jasje te maken; en ik kan hem niet dragen zonder complimenten te krijgen!

I kept following Marijke, and the minute I saw she was teaching a class in embellishing jeans, I signed up. It was as inspiring as I was hoping for. And, since I embellished clothes since I was about 12, it was so me. After that, I followed a masterclass in her technique to make my own coat. I loved making it, and every time I wear it, people give me compliments.


Dus, toen ik hoorde dat er een tentoonstelling in Leiden zou zijn met werk vanaf het begin, 20 jaar terug, ging ik samen met mijn lieve vriendin Mirjam, die ook een groot bewonderaar is van Marijke’s werk.
De expositie opende op 20-02-2020, om 13.00 uur. Mirjam en ik waren er vroeg. De vriendelijke mevrouw (die er vrijwillig werkt!) liet ons binnen in het https://wevershuis.nl

So, you can imagine that when I heard about her exhibition in Leiden, showing off work made since she started doing this 20 years ago, I wanted to go. I went with my dear friend Mirjam, who is a big admirer of Marijke’s work, too.
The exhibition opened at 20-02-2020, at 13.00. My friend and I were early. The friendly volunteer let us in at https://wevershuis.nl


Toen Marijke arriveerde was er genoeg tijd voor haar om ons, en nog andere mensen, rond te leiden in het prachtige kleine museum. Hoewel het wat donker is, zijn de jassen prachtig geplaatst, daarbij gebruik makend van elke kamer in het huis. Met kleine grappige elementen erbij, zoals een kleine muis, een kikker, steeds passend bij de geëxposeerde jas.
De rondleiding begon bij haar eerste quilt, die ze maakte voor haar mandala tekenklas. Ze had de behoefte om de tekening te combineren met stof, en daar begon het…

When Marijke herself arrived, there was enough time for her to show us, and some other people, around the beautiful little museum. Although a little dark, her coats and quilts were placed in a gorgeous way, making use of every room in the house. With funny little elements like a mouse, a frog, all suitable with the coat exposed.
The tour started with her first quilt, that she made for her mandala drawing class. She felt the urge to combine her drawing with fabric, and did just that.



Elke jas die Marijke maakt heeft een verhaal, en ze vindt het geweldig om dat verhaal te vertellen. Ik op mijn beurt vind het geweldig om naar haar te luisteren 😊
Alle jassen zijn met aandacht gemaakt: aandacht voor het thema dat ze kiest, aandacht voor de techniek: ze gebruikt veel artquilttechnieken. Al die intensieve aandacht die Marijke erin stopt kun je zien. Het voegt toe.
Op de tentoonstelling zie je ook haar ontwikkeling door de jaren heen: het werk wordt zorgvuldiger, het quiltwerk meer to-the-point, de vormgeving van de jassen wordt beter.
Al die jassen zien eruit alsof ze je willen omvatten als een paar warme handschoenen in de winter… Je kunt naar al die details blijven kijken tot je ogen jeuken: het zijn er veel en ze zijn mooi. Die knopen bijvoorbeeld… Ik ben een echte knopenvrouw… dus toen ik déze zag viel mijn mond open. Zij zijn gemaakt door Giny Metz, van Ginkyo. www.ginkyo.nl

Every coat and quilt Marijke makes has a story, and she loves to tell about them. I loved listening to her 😊
All of her coats are made with regard: to the theme she picks, to the fabrics, to techniques: she uses a lot of techniques from artquilting. It shows, all this intrinsic work she does pays off.
You can also see her development during these years.
Those coats all look like they will surround you as a warm, fitting pair of gloves in wintertime. You can keep looking at all the details until your eyeballs are itching; so many beautiful details. For instance, the buttons… I am a buttongirl… so when I saw these my jaw hit the floor. They are made by Giny Metz, from Ginkyo. (www.ginkyo.nl )



Mijn excuses voor de foto’s: ik maakte ze zelf met mijn smartphone. Het licht was een uitdaging op die schemerige uitgesproken Nederlandse vies-weer-dag…

I made these pictures, and excuse me: I only had my smartphone with me; the lighting was a challenge that gloomy Dutch-weathery day.









Voor we vertrokken kregen we nog een leuk cadeautje dat Marijke zelf had gemaakt. Mirjam en ik voelden ons geïnspireerd toen we gingen!
Dus.
Als je spectaculaire draagbare kunst wilt zien: bezoek deze expositie!
Dat kan nog tot 19 april 2020.

GA!

When we went off, we got a little present, made by Marijke.
Mirjam and I felt very satisfied and inspired when we left.  
So. If you do want to see spectacular textile wearable art, visit this exhibition.
Its available until the 19th of april 2020.
GO!



vrijdag 24 januari 2020

Werken met bewondering

Werken met bewondering

Al een tijd ben ik vaktechnisch assessor voor EVC CentrumVigor
Ik voer gesprekken met mensen die een (her)registratie nodig hebben bij het SKJ.
Het zijn allemaal mensen die als professional in de jeugd- en gezinszorg werken.

Mijn collega, een beroepsoverstijgende assessor en ik voeren een gesprek met de kandidaat.
De collega kijkt naar de competenties die iemand eigenlijk in elk beroep kan gebruiken: leiderschap, servicegerichtheid, communicatieve vaardigheden, resultaatgerichtheid etc. Daarnaast, wat vooral van belang is, is het inschatten van niveau: laat de kandidaat MBO-niveau zien? HBO? WO? Ziet de collega potentie voor een hoger niveau?

Ik kijk naar hoe de kandidaat zijn/ haar werk doet. Mijn kader is de beroepsstandaard van Vakbekwame hbo Jeugd- en Gezinsprofessional.
Binnen de jeugd- en gezinszorg zijn er veel varianten: ik zat bij de Raad voor de Kinderbescherming, bij zorgboerderijen, gezinshuizen, gesloten instellingen, open instellingen, Centra voor Jeugd en Gezin, kindercoaches.
We zien grote en kleine kantoren, kinderparadijsjes op de mooiste plekken van Nederland, en warm ingerichte zolderkamers bij mensen thuis.

We beginnen het gesprek bij het begin.
Waar ben jij geboren? Hoe zag je gezin van herkomst eruit?
Heb je broers/ zusters? Vertel eens iets over je basisschoolperiode? Hoe heb je je tijd daarna ervaren?

Zo neemt de kandidaat ons mee door het leven.
Werkervaring die opgedaan is in allerlei banen, in vrijwilligerswerk.
Opleidingen, al dan niet afgerond met een diploma of certificaat.
Vooral ook veel voorbeelden uit de beroepspraktijk.

Uit dat hele verhaal vissen mijn collega en ik allerlei informatie.
We schrijven onze vingers blauw.
We luisteren, stellen vragen, en verzamelen zo de 'data' die we nodig hebben voor het schrijven van een rapport.

In mijn achterhoofd (en op papier voor de ondersteuning) heb ik de beroepsstandaard voor de HBO jeugd- en gezinsprofessional. Dat is het kader waarmee ik het rapport schrijf: dat rapport noemen wij bij Vigor een 'trotsdocument'.
In dat kader worden 6 deskundigheidsgebieden aangegeven, waaronder bijna 80 prestatie-indicatoren hangen.
Aan mij de schone taak om aan te tonen dat de kandidaat aan die deskundigheidsgebieden en die prestatie-indicatoren voldoet.
Dat betekent dat ik voorbeelden uit de praktijk nodig heb: in de trant van "wat gebeurde er? wat deed jij? wat waren daarvan de gevolgen?"

Na het gesprek, dat zomaar vier uur kan duren, gaan wij weer naar huis.
Daar schrijf ik mijn gedeelte van het trotsdocument.
Daar doe ik een uur of vijf over, als er verder niks bijzonders is.

Het moeilijkste van het schrijven van de rapporten vind ik dat ik er geen waardeoordelen in mag laten doorklinken.
En dat is zo moeilijk, omdat het vaak zulke geweldige mensen zijn.

Ze kijken daar zelf vaak anders tegenaan: ze vinden het heel gewoon wat ze doen.
Of een ander kan het beter.
Of ze doen eigenlijk nooit genoeg voor de kinderen.

De meeste mensen in dit vak komen met regelmaat schrijnende situaties tegen.
Ze moeten soms afwegingen maken waar je koud van wordt: wat doen we wanneer kinderen of jongeren in onveilige thuissituaties verkeren?
Hoe handel je wanneer je ziet dat een kind niet aan zijn ouders duidelijk kan maken hoe het zich voelt? En het heel moeilijk is om aan die hele grote vader uit te leggen dat zijn zoon zo graag met pappa wil spelen en knuffelen maar dat niet durft te vragen? Hoe deal je ermee wanneer een kind gaten trapt in jouw deuren?

Waar ik dan koud van word, is de manier waarop ze die afwegingen maken.
De manier waarop ze dan het gesprek met ouders aangaan, en die moeilijke thema's met betrokkenheid aanroeren.
Hoe ze met oplossingsgerichte vragen de ouders aan het denken zetten.
Hoe ze met Playmobielpoppetjes dat kleine meisje laten uitbeelden hoe zij haar plaats ziet in de drie verschillende huizen waar zij woont. Hoe ze aan de familieleden met Brain Blocks uitleggen hoe het werkt in het hoofd van het kind met autisme. Zodat zij snappen dat hij weleens ontploft en van pure overprikkeling niet meer weet waar hij het zoeken moet.
Ze doen dat integer en betrokken.
Ze overleggen met andere professionals, met instanties en reflecteren op hun eigen aandeel om te kijken waar ze zich kunnen verbeteren.
Ze doen aan trainingen mee en aan cursussen om hun kennis op peil te houden.

Als ik dan bijvoorbeeld een gezinshuismoeder spreek, die meer dan vijf kinderen in huis heeft, van 8 tot 19, die zonder uitzondering een traumatisch verleden hebben, al dan niet gekoppeld aan een hechtingstoornis, dan ben ik vol bewondering. Zij vindt het heel gewoon wat zij doet, al kan ze wel aangeven dat ze het als zeer zinvol werk ervaart. Als mijn collega en ik onze bewondering uitspreken, weet ze haast niet waar ze kijken moet.

Als ik die bevlogen zorgboerderij-eigenaar in mijn hoofd laat weerklinken die een aantal banen achter de rug heeft, maar uiteindelijk kiest voor een boerderij met veel land waar de kinderen vooral HEEL veel buiten spelen, dan word ik daar stil van.

Als ik mij die kindercoach voor de geest haal, die kleine vrouw, die die hele grote vader stille tranen laat huilen wanneer tot hem doordringt dat zijn joggie bang van hem is als hij zo naar hem schreeuwt, dan denk ik alleen maar, wat een mazzel heeft dat joggie met zo'n pleitbezorger. Pappa leert ondertussen hoe hij zijn kleine kerel kan laten zien hoeveel hij van hem houdt; ze spelen samen spelletjes, ze gaan samen vissen, het gaat goed.

In de rapportages kan ik mijn waardeoordelen niet laten doorklinken.
Ik moet met feiten bewijzen dat iemand laat zien dat hij/ zij een SKJ-registratie waard is.
Dat doe ik dan ook.

Nu wil ik mij in deze blog richten tot jullie, die dit werk doen.
Ik wil laten horen wat een geweldige mensen ik jullie vind.
Ik vind dat de kinderen waar jullie mee en voor werken, geluk hebben dat ze jullie treffen.

Wat zijn jullie de moeite waard.
Ik krijg er energie van als ik met jullie mag praten.
Ik vind het fijn om een trotsdocument voor jullie te schrijven.
Zodat jullie door kunnen gaan met het ondersteunen van gezinnen en kinderen.

Mijn petje af, voor jullie!





woensdag 15 januari 2020

zinspirerende mindset

Zinspirerende mindset

Ik kan er soms met mijn verstand niet bij.
Wie mijn blog vaker leest weet dat ik heel veel ontleen aan het gedicht Eb van Vasalis.

Het gaat er om dat er onderhuids van alles kan gebeuren terwijl je denkt, wanneer gebeurt er nou eens wat. Je ziet het namelijk niet. Het is even eb in je bewustzijn.

Dan keert het tij.

Ik merk het vaker bij mijzelf; soms is het een tijd eb; dan ben ik onder de oppervlakte bezig met iets dat ik niet onder woorden durf te brengen. Of, anders gezegd, het is nog niet zover.
Meestal komt er dan niet veel creatiefs uit mijn handen.
Meestal brei ik dan sokken.

Begin januari had ik met mijn artquiltgroep 'Polderart' een workshop gelliplate bij Suze Termaat.
Pas halverwege de middag begon het een beetje te stromen en werd ik een beetje blij van wat ik deed.

De week erna hadden we het vervolg; en daarvoor moesten we de geprinte stofjes strijken en snijden. De dag na de eerste workshop kwamen al de mooiste collages op onze groepsapp.
Ik streek, en was eigenlijk helemaal niet zo blij met het resultaat.


Natuurlijk; foto bij donker gemaakt, te rommelig, ik dacht, we zien het morgen wel weer.
Nieuwe ronde, nieuwe kansen. Toch?!

Ik nam de volgende dag alle lapjes mee naar mijn atelier, maakte ruimte, en dacht, hoe nu.
Eerst maar eens een selectie maken; welke wil ik persé houden?
En zal ik eens kijken wat ik nog heb?

Daar werd ik blij van.



Op de tweede lesdag was het maken van de collage gauw gedaan.
Nog een paar kleine veranderingen en klaar.
Ondergrond, tussenvulling, en naaien.

Het is nog niet af, maar ik word er heel blij van.

In de week er tussenin had ik een hele bijzondere ontmoeting.
Dit gesprek heeft mijn mindset veranderd.

Het tij is gekeerd.
Ik kijk anders naar mijzelf en naar mijn toekomst.

Vanuit deze ontmoeting ben ik onmiddellijk aan het werk gegaan met het thema van de Algemene Tentoonstelling...

Daarvoor heb ik een UFO gepakt waarvan ik ineens wist wat ik ermee wilde gaan doen, nu.
Niet dat dat het ook gaat worden hoor. Gaandeweg pas ik aan.
Zoals altijd wanneer ik werk vanuit mijn diepste zelf.


.

Gericht aan het werk. Het hoofd borrelt. En bruist.
Ik werk voor mezelf; naar een gericht punt in de toekomst.

Ik word er blij van.
En het vervult me van een diepe dankbaarheid dat ik mensen om me heen heb die mij zinspireren.
Ik kan er met mijn verstand niet bij.
Wel met mijn ziel.







donderdag 5 december 2019

terugblik

Terugblik


December.
Het is voor mij bij tijden een cruciale maand.
20 jaar terug in december werd ik voor het eerst van mijn leven tante.
Bram werd geboren.
Wat heeft die (ondertussen boom van een kerel) voor een hoop vreugde gezorgd!

19 jaar terug gingen Bert en ik samenwonen.
Een goeie week voor kerst leenden we de bus van mijn broer en verhuisden we mij, mijn boeken en Tijger naar Zeewolde.
De maandag na dat weekeinde begon ik bij mijn nieuwe werk op AZC Zeewolde; en viel daar middenin een arbeidsconflict dat "mijn" afdeling had met de leidinggevende.
Vanuit het warme Emmen, waar iedereen mij kende, naar Zeewolde.
Ik kende alleen Bert.
Wat verlangde ik naar mijn eigen Super De Boer, waar ze me kenden.
Bij de Albert Heijn hier in het dorp was het anders.

Gelukkig leerde ik al gauw mensen kennen.
Joke, waarvan ik NU nog weet wat ze die eerste maandagmorgen in december aanhad, is nog steeds een goeie vriendin.

Trouwens, ook in november gebeuren er soms prachtige dingen: vijftien jaar terug werd Esther geboren!
Dat werd alleen maar overtroffen door de geboorte van Rien in mei, acht jaar terug...

Zes jaar terug, ik werkte al een poos voor Humanitas, werd op deze dag mijn leidinggevende ontslagen. Vanwege onder andere mijn verhaal en de bewijzen die ik kon leveren.
Op Facebook zie ik bij de herinneringen dat ik weliswaar enorm opgelucht was, maar dat ik me ook realiseerde dat in deze situatie niemand de winnaar was.
Uitgeput dacht ik; 14 dagen kerstvakantie en dan kan ik er weer tegenaan.
Maar toen begon het pas.
Een enorme burnout die ruim een jaar duurde was het gevolg.

Gelukkig trof ik ook in die periode weer geweldige mensen.
Mark en Tiny werkten samen om het voor mij zo gemakkelijk mogelijk te maken.
Tijdens mijn reïntegratie letten Tiny en Doeko op me, zodat ik stap voor stap de moed kon pakken om vijf jaar terug, eind december, jawel, voor het eerst mijn vrijwilligers weer te ontmoeten.
Astrid zorgde al die tijd voor mijn project.

Vier jaar terug eind december kreeg ik mijn gastric bypass.
Gek, dat je denkt dat dat een fysieke operatie is...
Je doet het om te stoppen met groeien.
OK, ik viel af.
Maar ik groeide ook...

Daardoor was het twee jaar terug tijd om bij Humanitas te vertrekken.
Dankzij Nathanya en Ton kon ik opstaan, en gaan, een nieuwe tijd tegemoet met Stof tot Nadenken.
Ik kreeg een daverend afscheid van heel veel lieve mensen die ik in die twaalf jaar Humanitas Home-Start in Lelystad had leren kennen.

In de twee jaar tijd daarna is Stof tot Nadenken uitgegroeid.
En ik ook.
Ingehuurd door EVC Vigor heb ik me in een jaar tijd mogen ontwikkelen tot een vakkundig assessor en ben ik inmiddels voorzitter van de vakgroep Jeugd.
Door een bedrijf in Dronten word ik ingehuurd als "coach on the job".
Met enige regelmaat geef ik trainingen.

Daarnaast zijn er de gezellige workshops die ik mag geven: bij Carol Cox in Utrecht, hier thuis, met gastdocenten als Tiny (ja! diezelfde!) of Hester.




Ik maak mooie dingen. Nog niet genoeg naar mijn zin, maar ik heb er alle vertrouwen in dat ook dat zich gaat ontwikkelen. Ideeën genoeg...

Van waar ik vandaan kom, tot waar ik nu sta; waar ik vooral dankbaar voor ben zijn die mensen die ik op mijn pad krijg als ik dat nodig heb.

De eerste ontmoeting in een donkere koude decembermaand met Joke. De steun van Mark, Tiny en Doeko. Nathanya en Ton die precies datgene boden waar ik behoefte aan had.

Ik kwam er niet voor naar de polder, voor al die veranderingen.
Ik kwam voor Bert. Ik dacht, we gaan gewoon gezellig samenwonen.

Geen moment had ik me kunnen voorstellen hoe het zou zijn.
Hoe het zou gaan.

Een hoop beleefd.
Domweg gelukkig zijn in de Dapperstraat.
Begrafenissen voorbereiden en bijwonen.
Nieuwe kinderen verwelkomen in de familie.
Nieuwe vrienden en vriendinnen verwelkomen in de familie en daarbuiten.
Aan de Grand Canyon staan.
In Mercedessen zitten.
Burnout van hem, burnout van mij.
Nieuwe ontwikkelingen.
Stof tot Nadenken.

Verdiepen, verbinden.

En onderaan de streep?
Domweg gelukkig in de Dapperstraat.
Met Bert.

#hildaishappy
#mazzelkontindedapperstraat





zaterdag 2 november 2019

Beware beware for those who care...

Beware beware for those who care...

Ik had ze weer fijn bij elkaar, mijn groepje sterke, inspirerende vrouwen.
Deze keer voor het eerst niet aan de keukentafel maar in mijn atelier.

Ons thema was deze keer: "Hulp. Hoe vraag je erom? Aan wie? Hoe onderga je hulp?"
Ik kwam erop doordat ik het afgelopen voorjaar, en door de zomer heen, steeds weer sterke vrouwen tegenkwam die hulp nodig hadden. Een heupoperatie, een hernia, mantelzorg, afnemende gezondheid, en, bij mijzelf, oplopende druk.

There they were again, my group of strong, inspiring women.
The first time in my new atelier instead of at my kitchentable.

Our theme was: "Help. How do you ask for it? To whom? How are you dealing with help?"
The theme accered to me because throughout spring and summer I kept meeting strong women with a need for help. Hip surgery, hernia, caretaking, deminishing health, and wit myself, ascending pressure.

Dus. Een stevige vraag.
In vorige blogs heb ik er meer aandacht aan besteed, en het was heerlijk om er samen over te praten.
Héél veel herkenning over de tafel heen.

So. One pushing question.
In previous blogs I already wrote about it, and it was a delight to share our thoughts about it.
A LOT of recognition on the table.

Bijna het eerste wat er boven tafel kwam was; je vraagt niet om hulp omdat je een ander niet wilt belasten. Onmiddellijk kwam een wedervraag: klopt dat? of is dat een prachtig, veredeld smoesje?
Hmm.
Zou het kunnen zijn dat je bang bent voor een "nee"? Stèl je voor, dat die ander nee zegt.
Dan wordt je diepste angst gerealiseerd: een afwijzing.

Almost the first thing that appeared: you don't ask for help, because you don't want to burden another person. Immediately followed by the next question: is that right? or is that just a pretty, refined little excuse?
Well.
Could it be that you are afraid to hear "no"? Just imagine the other person saying no.
Your deepest fear will be realised: a rejection.

Zijn wij daarom zo stoer? Zijn wij daarom zo onafhankelijk? Wij, die afgerekend hebben met het "lieve-meisjes-zorgen-voor-een-ander-syndroom"? Diep van binnen zijn we zomaar net als iedereen: bang om afgewezen te worden...

Is that why we are so strong? Is that why we are so independant? We, who dealed with the "good-girls-do-take-care-for-others-syndrom"? Deep inside we appear to be like everybody else... afraid to be rejected.
Als je vraagt, ben je kwetsbaar. En wij hebben als sterke vrouwen ook een mooi beeld van onszelf. Wij kunnen het zelf. En dat mag iedereen ook weten. Daarmee hebben we status gecreëerd, en wee aan ieder die die status ondersteboven schopt. Wij dachten van niet. Toch?

Asking for help makes you vulnerable. And we, as strong women, we have this pretty image about ourselves. We can do it on our own. And we make sure everybody knows just that. With that we created status, and woe to everyone who kicks that status upside down. We don't think so. Right?

We hebben die status zelf gecreëerd, en hebben er baat bij.
Je leeft naar die verwachting, die je hebt van jezelf, en die anderen van jou hebben.
Jij kunt het wel. Dat levert bewondering op, en dat gééft je toch een kick!

We created our own status, we benefit from it.
You live up to that expectation you created for yourself, and to the expactation other people have of you. Yes. You can. It offers admiration, and that is just the coolest ever.

En dan heb je pijn.
Die heup moet vervangen worden, je rug heeft blijvende schade opgelopen.
De mantelzorg drukt te zwaar, het leven is even teveel.
Je belandt plotseling in het ziekenhuis en daar is ie dan.

And there comes pain in your life.
You need to get that hip replaced, your back got chronical damage.
Caretaking is a huge burden, life overwhelmes you.
Or you find yourself suddenly in hospital, and yes. There it is.

Het grote spook: het verliezen van je onafhankelijkheid.
Het verlies van je autonomie.
Waar is je eigenwaarde?
Waar je kracht?

The big nightmare: losing your independance.
Losing your autonomy.
Where is your selfworth?
Where your strength?

Er komt een verhaal.
Eén van ons heeft gezorgd voor een man die niks zelf kon.
Hij kon niet lopen, niet eten, niet zelfstandig naar het toilet,alleen een pookje op zijn rolstoel bewegen met een scheefgegroeide hand.
Onze tafeldame had echter nog nooit zo'n autonoom iemand gezien. Ze heeft met ontzettend veel plezier en bewondering voor hem gezorgd.
Van hem leerde ze dat er autonomie bestaat, ook al heb je voor alles hulp nodig.

One of us tells a story.
She took care of a gentleman who couldn't do anything.
He could not walk, not eat, not go to the bathroom on his own. All he could do was move around a stick on his wheelchair with his crookedly grown hand.
Our friend, however, had never seen such an autonomous person. She took care for him with joy and admiration. He taught her that there is autonomy, even if you need help for everything.

Toen zij zelf heel lang moest liggen, dacht zij terug aan deze man.
Waar vind ik autonomie?
Wat ben ik waard?
Zij zag bij hem een essentiële kwaliteit om zichzelf te blijven. Niet: wat kan ik allemaal niet, maar: ik ben wie ik ben, en dat is meer dan alleen dat lijf. Véél meer.

When she had to lay down for an long period herself, she thought back to this man.
Where do I find autonomy?
What is my worth?
She saw in him an essential quality to be himself. Not: what is it that I can't, but: I am who I am, and that is SO much more than that body. Much more.

Goed.
Hoe dan?
Hoe vraag je dan zodanig om hulp dat je NIET die ongevraagde adviezen krijgt, of van die verhalen van "O ja, dat ken ik! Toen ik../ mijn buurvrouw had het ook..."

Alright then.
How?
How do you ask for help in such a way that you do NOT get all those unwanted advices, or those stories like "Yes, I know that! When I/ My neighbour had that too..."

Waar blijft jouw autonomie?
Waar je eigenwaarde?
Waar je kracht?
Moet je nou echt, naast je pijn, ook nog gaan aangeven dat de grens bereikt is?
Terwijl die ander dat natuurlijk goed bedoelt allemaal, en je wilt die ander niet belasten, en echt, ik kan het zelf wel?

Where do you find autonomy?
Where do you find selfworth?
Where your strength?
Do you really have to point out that you met your limits, while enduring that pain?
Where the other person means it well, and you don't want to be a burden, and really, I can do it myself?

Hoe dan wel?
We kwamen op concreet aangeven wat jouw behoefte is. Ik had er een prachtig voorbeeld van.
In mijn omgeving moest iemand een poos liggen vanwege ernstige rugklachten.
Zij richtte een app-groep op, en vroeg: "Wie kan voor me stofzuigen?" "Wie kan af en toe voor me koken?" "Wie wil mijn kinderen naar sport brengen?" En hulptroepen kwamen op die gerichte vragen af. Niemand hoefde iets te doen waar zij geen zin in had.
Voor deze lieve dame, die ook altijd klaarstaat voor anderen, doen we graag iets terug.
Wat ik vooral bewonderde was dat ze door de manier van vragen haar innerlijke kracht liet zien.
En OOK nog in staat was om haar tijd in bed in te zetten als nadenken over nieuw perspectief.

How else can you do it?
We came to a conclusion: tell very straight and clear what your needs are. I had this beautiful example. In my circle somebody had to lay in bed because of severe backproblems. She made a WhatsApp group and asked "Who can vacuum for me?" "Who can cook for me a few times?" "Who can drive my kids to their sports" Helptroops showed up to those clear questions. Nobody had to do anything they did not want to do.
For this dear friend, who is always there for other people, er love to do something back.
Whatt I admired above all, was that through the way of questioning she showed her inner strength. And, while laying there, she used her time to think about new perspective.

Het verrassende is, dat je met hulp vragen ook iets GEEFT.
Je geeft de ander de gelegenheid om iets terug te doen. Waarmee je laat zien dat je de ander zodanig respecteert en liefhebt dat jij in staat bent om je kwetsbaar op te stellen. Het verrijkt aan twee kanten.

The surprising thing is that with asking for help, you give, as well.
You give to the other person the opportunity to give back. With that you show that you respect and love the other person so much, that you are able to show vulnerability. It is truly enriching in two ways.



En ja.
Je moet van je voetstuk af.
Ook sterke vrouwen zijn soms kwetsbaar.
Of moeten geopereerd worden.
Of kunnen de druk van het leven even niet meer handelen.

And yes.
You have to come off your pedestral.
Even strong women can be vulnerable.
Or need surgery.
Or are just not able anymore to handle the pressure of life.

Een ander niet willen belasten klinkt dan prachtig.
Zo mooi. Zo sterk. Zo lief. Zo zorgzaam.
En zo dom.
Je vult in voor een ander.
En je doet jezelf tekort.

Not willing to burden another person sounds great.
So beautiful. So strong. So sweet. So caring.
And so silly.
You fill in for the other person what they think and feel.
And you hurt yourself.

Waar blijft jouw autonomie?
Waar je eigenwaarde?
Waar je kracht?

Where is your autonomy?
Where your selfworth?
Where your strength?

Die blijft in dat JIJ de vraag stelt.
JIJ bepaalt wat je vraagt en aan wie.
Krachtig en sterk is niet afhankelijk van je lijf.

It is where YOU are the one asking the question.
YOU are the one to decide what you ask and whom you ask.
Powerful and strong is not up to just your body.

Hulp nodig hebben, dat aangeven, EN in staat zijn je autonomie te bewaren.
Daar is jouw kracht.

Needing help, adressing that, AND be able to maintain your autonomy.
That is where your strength is. 



Lieve, stoere en kwetsbare groet,
loving, strong and vulnerable greetings!
Hilda




donderdag 3 oktober 2019

O ja. Is ook zo.

O ja...

ik heb een drukke week.
Veel verschillende dingen, druk weekeinde achter de rug en een druk weekeinde voor de boeg.

En ik had mijn moeder beloofd om deze week te komen.
Ik bel haar en maak een afspraak voor de komende week.

Halverwege de week zeg ik de afspraak voor vandaag af; dat rapport moet geschreven worden.
En morgen de Regiodag van het Quiltersgilde; nog even de losse draadjes opwinden, vastknopen, en een naald in elk van de 50 pakjes doen. Nog wat stofjes bij elkaar zoeken, nog even een brief naar mensen die zich laat hadden aangemeld.



Ik kreeg een rode kool en een flespompoen, dus maak ik vandaag tussen de bedrijven door Boeuf Bourguignon.
Voor bij de rode kool.
Die pompoensoep komt zaterdag dan wel.
Dat komt wel tussen het opnieuw indelen van mijn website met Bert en het reorganiseren van mijn werkzaamheden.
En de strijk. Ook nog.



Vrijdag na de Regiodag nog een afspraak met iemand.

Tijdens het schrijven van het rapport een appje: "Hilda, moeten we maandagavond nog wat meenemen?"
Oeps. De datum voor de artquiltgroep was 7 oktober in plaats van de 21e die in mijn eigen agenda stond.
En ik zou het voorbereiden.
Een monodrukcollageding.
Bij mij thuis.

Er sijpelt het één en ander door de mail heen: een bezwaar van een kandidaat, een mail van de krant waar ik nog even op moet reageren.
Een beetje nare mail van een mevrouw.
Een belletje van een collega.
Ze is blij dat ik de intervisies voor onze vakgroep ga regelen.

Zo gaan die weken soms als een waanzinnige sneltrein voorbij.

Ik vraag de dames van mijn virtuele keukentafel over vrijheid. Ik krijg er hele mooie verrassende antwoorden op.
Die verdwijnen naar mijn achterhoofd.

Vanmiddag rond 12 uur is het rapport af.
Ik maak de Boeuf Bourguignon zover dat het in de oven kan, ruim op, haal de pakjes voor de Regiodag vast naar beneden, oh, de vlinders voor Froukje niet vergeten!
Ruim het aanrecht op, doe de vaatwasser aan.

Koffie. In de zon? Even de zonnebril zoeken die ik al een week kwijt ben.
Natuurlijk, die ene tas.

Koffie. In de zon.
Stilte om me heen, en wat is dat heerlijk warm.
Ik zit met mijn okergele trui op het bankje, kijk naar de donkerrode druiven, drink mijn fijne kopje koffie.
Herfst.
In huis zingt Daniël Lohues.



Ik doe mijn ogen dicht en geniet.
Daniël verdwijnt, en ik ben in mijn hoofd even weer terug in Crozet, Virginia.
Bij het vuur.
Ik hoor Joel en Justin weer "Let it be" zingen.

O ja.
De wind steekt op, ineens regent het.
Vlug naar binnen.
Ik drink de rest van de koffie op, schrijf deze column.
Ik was het even vergeten.

Let it be.

Lieve groet voor jullie allemaal!
Hilda



zaterdag 7 september 2019

De stilte, de gesprekken, en het vuur. / The silence, the conversations, and the fire.

Ja, dat was een mooie opdracht aan mezelf, die van het vorige blog.
Ik moest maar eens wat gaan nadenken.
Over die vragen, waarvan ik voor sommigen het antwoord al wist, en die vragen die ik nog moest formuleren...

Yeah. Nice commision to myself, the one from the previous blog.
I should think for a while.
About those questions. Some where already answered; some I still had to put in words.

Nou. Dat ging anders dan ik dacht. 😁😉
Ik kocht een notitieboekje (echt he, dan heb je er thuis een serie liggen, mooi zelfgemaakt en al!) om daarin het een en ander te verwoorden.

Well. That went different than I thought.  😁😉
I bought a notebook (really, you've got a LOT of them, pretty self made ones and all...) to write things down.

Ik schreef mijn vragen op.
Wat zijn mijn behoeften?
Waar loop ik vast?
Wat kan weg?
Wat houd ik?
Wat heb ik nodig om het beter te gaan doen dan nu?
Wie kan ik om hulp vragen?

I wrote down my questions.
What are my needs?
Where do I meet "roadblocks"?
Wat can go?
What do I want to keep?
What do I need to do it better then I do now?
Who can I ask for help?

Het vloeide zo uit mijn pen.
Ik wist het wel.
Eigenlijk ging het heel eenvoudig.
Eenmaal zwart op wit was het duidelijk.
We reden door het land. We wandelden door steden en stadjes.
En geen gedachte werd er nog aan gewijd.



It just spat out of my pen.
I actually sort of knew it.
It was very simple.
Once black on white it was clear.
We drove through the country. We walked through towns and small cities.
And not one thought was spend anymore.

Een ontmoeting maakte weer wat los.
Wat oud zeer werd aangeraakt.
Een nacht slecht slapen, een nare droom.
Wat verdriet, wat pijn.
Maar bovenal de gedachte, dit doe ik niet.
Niet meer mijn bestaan, ik hoef er niet in mee.

A meeting with somebody loosened something again.
Some old pain was raked up.
A bad night, a bad dream.
Some sadness, some pain.
But above all the thought, I'm not doing this.
No longer my being, I do not need to go along.

Een andere dag bracht helderheid .
Een van de fijnste dagen. Je hebt ze soms.
Een.prachtig gesprek, een soort ontmoeting van zielen. Dat heelt.
Dat je laat zien waar het vuur brandt.
Dat je laat zien wie je bent, waar je hoort, wie je nodig hebt en waar je gaat.

Another day brought clarity.
One of those best days. You get them sometimes.
An inspiring conversation, a kind of meeting of the souls. That can heal.
That can show you where the fire burns.
That can show you who you are, where you belong and where you go.

Die avond zaten we bij het vuur.
Vuur is magisch.
Net als de muziek die Joel en Justin zongen; covers van The Beatles.
Bij "Let it be" keek ik in het vuur.
Ik zong mee.
Let it be. Let it be. Let it be.
Dat dus.
Laat die vragen naar, laat die onrust maar.
Let it be.



We sat by the fire that night.
Fire is magic.
Just like the music Joel and Justin were singing: Beatlecovers.
While they sang "Let it be" I looked in the fire.
I sang along.
Let it be. Let it be. Let it be.
That is just it.
Leave those questions,  leave those worries.
Let it be.

Een dag of wat later praten we er even over samen.
Het klopt.
Ik hoef niet na te denken, ik hoef niet te focussen.
Het staat zwart op wit wat ik wil, wat ik daarvoor nodig heb en wie ik daarvoor nodig heb.

A couple of days later we talk about it for a while.
It's right.
I don't have to think, I don't need to focus.
It's in black and white what I want, what I need to do that and who I need to do that.

En ik bedenk: wat ik wil is niet dat het is zoals het is.
Dat is niet nieuw.
Dat wist ik al veel langer.
Wat ik wil is groeien.
Staan voor wie ik ben.
Gaan naar wie ik kan worden.
En dat is nog steeds hetzelfde als toen ik die wijze oudere vrouw ontmoette rond mijn 20e.
Ik wil een wijze oude vrouw worden.
Eigenwijs, stralend, uitstralend.
Het ontmoeten waard.

And I think, what I want is not that it is like it is.
That's not new.
I knew that a long time.
What I want is growth.
To stand for who I am.
To go to who I can become.
And that is still the same as when I met that wise, older woman when I was around my 20th.
I want to become a wise, old woman.
Stubborn, beaming, charismatic.
Worth meeting.

Dat kan ik wel.
Daar hoef ik niet over na te denken.

I can do that.
I don't need to think about that.

DAT KAN IK.
Ik kan het laten.
Dat kan ik.
Ik sta, ik ga.
Hilda, oude, wijze vrouw, ik kom er aan.

YES I CAN.
I can let it be.
Yes. I can.
I will stand, I will go.
Hilda, you old, wise woman, here I come.