dinsdag 3 november 2026

Wachten

 

Ow wat is het een mooi boek.

“Wachten, een levenshouding” van Dirk de Wachter.

Over niet kunnen wachten, leren wachten en wachten zonder verwachting.

“In een wereld die snelt, is wachten een daad. Geen passiviteit, maar een bewuste vorm van leven.” Zo staat achterop het boek. En: “dit boek is een pleidooi voor bedachtzaamheid, maar ook voor engagement: een vorm van nabijheid bij jezelf, en bij de ander.”

Ik ben dol op de taal die de Wachter hanteert. Ik smul ervan als waren zijn woorden lekkere bonbonnetjes.

Pralines, in het Vlaams.

Ik kon het boek niet, zoals ik vaak doe, in één ruk uitlezen.

Het moest hoofdstukje voor hoofdstukje om het in alle rust op mij in te laten werken.

Dat doe je ook met pralines, toch? 


Van mijzelf ben ik niet altijd even bedachtzaam, en niet altijd even geduldig.

Maar ik heb het (gedeeltelijk misschien) geleerd. Door het leven heen, in allerlei situaties.

Het moeilijkste wachten was op diagnoses, op welke behandeling, of de behandeling zou aanslaan, en daar tussendoor manoeuvreren met nog wat leven.

Toen het duidelijk was dat we nog maar één mijlpaal hadden om op te wachten werd het anders.

Geen verwachtingen meer. En wat blijkt?

Dan kun je alles afleggen. De belangrijke dingen regelen, en alleen maar in liefde kijken naar wat was en naar wat is.

 

In mijn omgeving wordt opnieuw gewacht.

Een studie, een baan, gezondheid, het leven.

Komt het wel? Komt het wel goed?

Ik denk terug aan de rust van het wachten. 

Die stille kamer, de sfeer die er was.

Ik breng mijzelf terug naar toen. Nu niet naar het verdriet, maar naar die sfeer.

Geen tv, geen radio, geen podcast. Breien, een kaarsje, soulfood maken voor in de diepvries. “Troost op ’t fornuus”, zoals Daniel Lohues in een van zijn liedjes zingt.

Een beetje naar binnen keren terwijl ik naar buiten kijk, naar die schitterende gele ginkgo.

De bomen aan de voorkant zijn al kaal, en ik zie de knoppen al. De hazelaars hebben al katjes zie ik.


Nu eerst de winter in.

Zal het stormen? Zal het koud worden? Zal het een zachte winter voor ons zijn?

We wachten het wel af.

Ik steek de kachel aan, vanavond.

 

 

 

vrijdag 30 oktober 2026

Herfst

 

Wat is dat toch met de herfst.

De vochtige geur, de lucht van de grond, vooral in het bos. De paddenstoelen, de spinnenwebben.

Daar maakten we vroeger dan ‘spiegeltjes’ van: met een rond gebogen takje haalden we elk spinnenweb uit tussen huis en school. Je kreeg dan zo’n stevig en mooi glanzend laagje waar je tegenaan kon drukken. Het ging pas stuk als je de takjes losliet.

Ik houd van mist. Volgens mij is het niet voor niks dat de woorden mystiek en mist op elkaar lijken.

Ik herinner me een avond dat ik door de mistflarden fietste bij volle maan. Een prachtige avond. Zakdoek in de hand omdat steeds mijn bril vol druppeltjes zat, en maar vegen. Ik genoot. Een mystieke ervaring, aangevuld door de intensieve studie over Hooglied, die avond.

Misschien is het vanwege de verhalen over de witte wiev’n, van bij ons in Drenthe. Je moest wel goed oppassen als je door het veen naar huis moest lopen, want ze hadden je ZO te pakken! En dan verdween je in het moeras om nooit terug te keren…

Vanmorgen is het ook mistig. Ik loop even naar de kliko om de bakjes leeg te gooien en ruik het meteen.

Die heerlijke herfstlucht. Ik breng de bakjes terug en zie de spinnenwebben.

Ik maak geen spiegeltjes meer, maar wel foto’s. dus ik breng de bakjes binnen en haal mijn smartphone.


Een prachtig spinnenweb in de pergola, en een hele mooie in de lavendel. Maar die krijg ik er niet goed op. Helaasje pindakaasje dan maar: ik moet studeren.

Misschien heb ik vanmiddag later nog even tijd om wat foto’s te maken.

Ik ga naar het bos. Kijken of ik een spiegeltje kan maken. Of anders, mooie foto’s.

Fijn, mist.

zondag 25 oktober 2026

Wintertijd

Wat is er een enorm verschil tussen vorig jaar en nu.

Geen herbelevingen meer van huis naar ziekenhuis, van ziekenhuis naar hospice, en van hospice naar de uitvaart.

Ik voel me zoveel beter. Het leven klopt aan, en ik doe open.

Laat het leven binnen.

Het is zichtbaar, hier in huis.

Ik had zin om de kerstquilt op te hangen. Daar hadden we altijd een beetje een wedstrijdje over: ik wilde dat al in oktober maar… ik moest altijd wachten tot in elk geval de goede Sint gearriveerd was. 😊 Dat was een compromis: hij vond eigenlijk dat het pas kon bij het vertrekken van de stoomboot 😊

Dus, wachtte ik tot de aankomst van de Sint.  



Nu het officieel wintertijd is, maak ik het gezellig in huis: een kaarsje op tafel in een heel mooi bakje gemaakt door Esther, met regelmaat de haard aan en ik heb eindelijk het plakplastic op de ramen tegen de inkijk vervangen door roodgeruite gordijntjes.


In Zeewolde had ik ze ook bij de keuken: roodgeruit in de winter, geel in het voorjaar, groen in de zomer en oranje in de herfst. Met de seizoenen mee, fijn. Ik miste ze.

Dat heb ik dus nu weer opgepakt. En wat ben ik blij met het effect, kijk maar, wat een verschil!



Al die dingen samen brengen zachtheid in me teweeg. Het doet me goed. 
Gisteren sprak ik met een lieve vriendin over zachtheid. En vrijdag met een andere lieve dame over wijsheid. Het leven brengt het ons als cadeau. Misschien door het verdriet dat we beleven: alle drie zijn we met een vorm van rouw bezig. Maar zeker doordat we, alle drie, naar binnen kijken en openstaan voor wat het ons brengt.

Ik vind het fijn om te zien hoe mensen dat doen: beleven wat zich aandient en er een weg in vinden. Al hoe moeilijk dat ook is. Ieder maakt haar eigen keus. Praten, zwijgen, werken, zoeken naar een uitweg of een manier om te kunnen gaan. Ik schrijf er graag over. Zodat anderen weten hoe het met mij gaat.

Ik las vorige week nog eens de blogs door vanaf het ziekzijn van Bert tot nu. Er is zoveel veranderd.

Ja, ik mis hem, dat blijft. Zo’n lieve mens vergeet je nooit.

Maar ik kan de kerstquilt weer zien en ervan genieten. En van het kaarsje op tafel, van de rode gordijntjes.

En wacht maar. Zodra ze weer te koop zijn komt er ook een kerstboom… nu al zin in!


 





donderdag 15 oktober 2026

Mrs. Me

 Ik kijk vaak met bewondering en een beetje jaloezie naar mensen die mooie blogs en columns schrijven over belangrijke thema’s. Onderbouwd met theorie, prachtige zinsbouw, mooie talige opmerkingen.

Of met humor doorspekt. Dat vind ik ook zo knap. Ze kronkelen soms zo mooi door theorie en praktijk, door taal en teken, och jongens.

Zo zou ik het ook wel willen doen. 

Alleen, ik had mij voorgenomen om mijzelf te zijn. Te schrijven vanuit dingen die mijn ziel raken. Met passie, met vreugde, met verdriet. Met weinig woorden veel zeggen.

En natuurlijk mag je als lezer wel merken dat ik ergens veel van weet. Of er iets van vind. Dat is het probleem niet.

Maar dan alleen als Mrs. Me er welwillend naar kijkt. Ken je Mrs. Me? Ze is een dame die mij op de rails houdt. De goeie kant op.

Want niemand die mij zo goed kent als Mrs. Me. Ze heeft me geboren laten worden en me een levenspad laten wandelen waardoor ik nu ben waar ik ben. Samen hebben we afspraken gemaakt op de cruciale punten. Ze let op als ik mezelf teveel weggeef. Ze is erbij wanneer ik van het spoor afwijk. Dan geeft ze signalen waar ik naar moet luisteren. Haar belangrijkste functie is om mij de juiste mensen te laten ontmoeten. Ik kom ze namelijk overal tegen: mensen die mij vasthouden, met me meelopen, me een steuntje of een duwtje in de rug geven. Soms  zelfs een schop onder m’n k***. Al zijn er maar heel weinig die daar toestemming voor hebben. 



OK. Ik weet het. Mrs. Me is niet meer of minder dan mijn eigen gedachtenspinsels. Mijn eigen gedachtenkronkels.

Ik schrijf dus over wat mij roert. Diep van binnen. Of over dat wat er van buitenaf bij mij binnenkomt. En me dan raakt. Die ene mooie vogel, die bloem, dat eitje. De workshop kintsugi, de lessen over kwesties rond het levenseinde. De creatieve samenwerking met dat lieve mens. Die ene mens die mij raakt.

Toe maar. Het kronkelt zo via mijn vingers de laptop in.

De dagelijkse dingen, soms een laagje dieper. Symboliek, synchroniciteit.

Een gesprekje, op straat.

Zoals vroeger in het Parool en in boekjes… van Kronkel.


Ik kon ze bijna citeren. De eenvoud van zijn woorden schetsten zo helder de sfeer en de mens waar hij mee sprak dat ik, provinciaaltje uit Erica, ze zó voor me zag. Simon Carmiggelt. 
Grootmeester van de beeldende taal.

Als ik toch eens zo kon schrijven. Wat denk je, Mrs. Me?

 

dinsdag 6 oktober 2026

Kintsugi eitje

 Twee jaar terug ging het ineens heel hard met jou.

Twee jaar bijna dat ik je alleen op foto’s zie.

 

Of in mijn dromen.

Af en toe kom je langs, en hoewel ik dat koester, ben ik ook bang dat ik je daarmee niet genoeg ruimte geef.

Wat maakt dat je me bezoekt? Dat ik je zo helder zie?

En dat ik hoor wat je zegt zonder te praten?

Dat ik voel wat je over me denkt, de liefde in je ogen.

 

Ik heb er mijn ogen niet voor nodig.

Ik weet dat je er bent.

Je ziet hoe het gaat he?

Steeds iets beter, en zelfs weer gelukkig, zomaar.

Dat het hart weer open gaat. Dat het blije ei weer tevoorschijn komt.

Een beetje craquelé eitje, met kintsugi randjes.

 

Het hart weer open.

Nieuwe verbindingen, ander zicht.

 

maandag 14 september 2026

Belletjes en minimosjes


Verdiepen in de grote lijnen… bij de studie doen we dat met regelmaat.

Grote filosofen komen voorbij, interessante onderwerpen waar mijn hoofd superblij van aanslaat.

Lijntjes leggen met al eerder opgedane kennis, verbindingen leggen met ervaringen, in mijn hoofd klinken blije belletjes waardoor het hart ook mee gaat doen. De belletjes bevatten vragen en nog eens vragen, en OMG #hildaishappy

Een hele andere vorm van blij doe ik op wanneer ik na het weekeinde mijn week begin met een kop koffie in de tuin. Ik zet mij op het enige droge plekje in de zon, en zie na een paar slokken dit:




Het muurtje met de minimosjes. De zon schijnt erop; dauwdruppels lichten op.

Ik ga gauw mijn mobiel halen om foto’s te maken.

Zo klein als ze zijn, de meesten nog geen centimeter in doorsnee, hebben ze al gebloeid.

De mini-zaaddoosjes zijn zichtbaar. Eén mosje verder komen sterretjes tevoorschijn.

Echt. Wat heb ik nog meer nodig? Hopsakee. #hildaishappy



Ja, wat heb ik nog meer nodig? Nog wat extra zachtheid? 

Kijk dan... die fragiele gouden graszaadjes tegen het ijzer en de stevige draaier van de kamperfoelie...


En op de koop toe nog een reminder aan de vergankelijkheid.

Op mijn weg naar binnen ligt een afgevallen hortensiablaadje.

Ik leg het op mijn geheel verroeste stoeltje en kijk nou. Ze gaan in elkaar over.


Ik voel de belletjes in mijn ziel. Deze hebben geen vragen.

Wel een diepe vrede.

woensdag 9 september 2026

Ander werk

 Ander werk…

Naast mijn studie verlies- rouw- en stervensbegeleider werk ik als ZZP-er. Mijn bedrijf heet Stof Tot Nadenken. Mijn lief bedacht de naam in 2016, al tien jaar geleden!

Combi textiel en begeleiden. Jaren begeleidde ik mensen, en kwam de textiel “on the side”.

Na het overlijden van mijn man stopte het werk als begeleider. Dat ging even niet meer. 

Ondertussen werk ik als auditor voor iQ Coaches, waar ik voorheen begeleider was, en doe af en toe een EVC-traject voor EVC Centrum Vigor. En ik studeer. 

Er bleef toch iets wringen met betrekking tot het begrip “werken”: ik wil werk doen waar ik blij van word en wat voor mijn gevoel zin heeft.

Na wat gesprekken met Odette (Fijnbedraad) en Loes (iCoaching) kijk ik wat verder dan mijn neus lang is. Want met dat wipneusje van mij kom je niet zo ver…


Rondkijkend in mijn atelier zag ik ineens dat enorme stuk werk hangen: een lap roestbruin linnen op de rug van een lap prachtige handbedrukte stof die ik in Birmingham kocht 2 jaar terug. Ze waren al vastgeregen aan elkaar, ruim 1.10 breed en 3 meter lang.


Ik had in Birmingham schitterende jasjes gezien die met kantha waren doorgeregen, een prachtige techniek uit India. Maar die prijzen… ik dacht, dat kan ik zelf.

Met mijn nieuw visie op werk stelde ik mij voor, "Als ik dit nou eens als “werk” ga zien en er gewoon net zoveel tijd en aandacht aan geef als aan de studie en het andere werk? Wat zou er gebeuren?"

Het zakje met alle kleuren borduurgaren lag er nog: ik had een stuk van ongeveer 50 cm al doorgewerkt.

Ik heb mij geïnstalleerd met de verlaagde brede strijkplank; een perfect instrument voor grote stukken werk. De oude stoel van opa en oma erbij, perfecte werkhoogte en steun.

En bijna twee weken verder heb ik bijna twee meter doorgekantha’d. het geeft mij echt een diep geluk, dit. Meditatief de naald op en neer, dan eens groen, dan eens oranje of oker. Het geeft me vrede.

Straks maak ik er een jasje van. Kimonostyle, waar ik zo vreselijk van houd.

Verheug me nu al!